header ZZ

header ZZ mobiel

dinsdag, 20 maart 2018 07:56

‘Vergeet niet: onze kracht zit in de gezamenlijkheid’


De kracht van de Nederlandse zuivelketen zit in de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de hele keten. Om als Nederlandse zuivelsector ook in de toekomst succesvol te zijn, moeten alle partijen dat voor ogen houden. Die boodschap geeft Kees Romijn mee bij zijn afscheid als voorzitter van de vakgroep Melkveehouderij van LTO Nederland.

Tekst: Jeen Akkerman, Foto: Ronald van de Heerik

Zelf maakte Romijn in zes jaar voorzitterschap mee dat het lastig is om die gezamenlijkheid tot stand te brengen. De verdeeldheid onder melkveehouders nam toe, zo geeft hij toe. “Je kunt daar als bestuurder moeilijk over doen, maar je krijgt de ruimte die je achterban je geeft. Ik denk dat we, ondanks toenemende verschillen en diversiteit, hebben laten zien dat je problemen gezamenlijk kunt oplossen.”
Romijn vertelt aan de keukentafel op zijn melkveebedrijf in Langerak. Hij herinnert zich boerenvergaderingen in de eerste jaren van zijn voorzitterschap. “We wisten dat de superheffing ging verdwijnen en rekenden uit hoe snel de melkproductie zou toenemen. Ik heb laatst een presentatie uit die tijd opgeduikeld. Daarin stond dat er na de superheffing weer een nieuwe beperking zou komen vanuit de milieurandvoorwaarden. Dat wisten we dus wel, maar het is niet gelukt om daar vroegtijdig op in te spelen.”
De ruimte voor groei in de jaren na de superheffing werd destijds geschat op 10 procent meer koeien en 20 procent meer melk in vijf jaar. In het eerste jaar na afschaffing waren er 19 procent meer koeien en 25 procent meer melk. Daarmee ontstond een situatie die Romijn nu omschrijft als “een trein die steeds sneller ging rijden”. In feite waren de partijen in de zuivelketen gedwongen om met de overheid tot een oplossing te komen om de derogatie niet te verspelen. Het leidde tot het fosfaatreductieplan en uiteindelijk de fosfaatrechten. Dit alles verliep met veel discussie en kritiek, ook op voorzitter Kees Romijn. “Dat is logisch. Mensen willen wat henzelf het beste past. Maar we hadden geen andere keuze dan er in onderling overleg zo goed mogelijk uit te komen. Daarbij stond het sectorbelang centraal en dat wringt soms met het individueel belang. Daarmee maak je jezelf niet populair. Maar we hebben wel een aanpak gemaakt waarmee we onder het fosfaatplafond zijn gekomen. Dat is in het belang van de Nederlandse melkveehouderij.”

Hoe hebben jullie destijds ingespeeld op de veel sneller dan verwachte productiestijging?
“We hebben de Duurzame Zuivelketen opgezet, samen met de NZO. Om ervoor te zorgen dat de productiegroei op een duurzame manier zou plaatsvinden.”

Is dat gelukt?
“Voor een deel zeker. Kijk naar de weidegang. Toen we daarmee begonnen, waren er weinigen die geloofden dat we het gingen halen, nu zijn we er bijna. Ik vind dat een mooi voorbeeld van succes als alle partijen zich ervoor inzetten.”

Bij de fosfaatdiscussie ging het wel erg moeizaam.
“Ja, het gaat soms moeizaam. Vergeet niet dat we nu weinig macht en instrumenten hebben om gezamenlijk iets af te dwingen; eerder hadden we dat wel met het Productschap Zuivel. We moeten nu meer overleggen, meer partijen moeten water bij de wijn doen en dat kost tijd; inderdaad, soms is dat kostbare tijd.”

Hoe belangrijk is die samenwerking voor de toekomst van de Nederlandse melkveehouderij en zuivel?
“Die is essentieel. Je ziet nu dat alle partijen met eigen visies komen. Dat is goed, maar we moeten er wel voor zorgen dat het daarna samenkomt in een ketenstrategie. Er liggen forse uitdagingen. We moeten laten zien hoe we de klimaatproblematiek oppakken. En er is werk aan de winkel als het gaat om de relatie met onze omgeving, zeg maar ons draagvlak in de maatschappij. Ondertussen neemt de concurrentie op de zuivelmarkten wereldwijd toe. Die moeten we het hoofd bieden, terwijl schaalvergroting niet meer het enige antwoord is. Allemaal redenen om de gezamenlijkheid te zoeken, want alleen redt LTO het niet en dat geldt ook voor alle andere partijen in de zuivelketen. Een ketenregisseur als ZuivelNL is daarbij een belangrijk element.”

Is het verstandig om die gezamenlijkheid ook te gebruiken om het imago van Holland als zuivelland internationaal te stimuleren?
“Dat lijkt me prima. Wereldwijd neemt de aandacht voor voedsel toe en zuivel speelt daarin een positieve rol. Als we er voor kunnen zorgen dat meer mensen zich realiseren dat zuivel uit ons land bijzonder is omdat wij een rijke traditie hebben om het samen steeds beter te doen, dan kan dat ons zeker helpen.”

Melkveehouderijontwikkeling in beeld
Het bedrijf van Kees Romijn en zijn vrouw Cora Schep in het Zuidhollandse Langerak laat mooi de ontwikkeling van de melkveehouderij zien. Op het erf staan nog de boogschuren die in het begin van de jaren zeventig van de vorige eeuw werden gebouwd voor de huisvesting van de melkkoeien in die jaren.
Nu staat het jongvee er. Daarnaast staat de relatief lage ligboxenstal die in 1991 verrees, met ruimte voor 75 melkkoeien. Aan deze stal werd in 2009 een nieuw, veel hoger en ruimer gedeelte vastgebouwd met plaats voor 110 melkkoeien. In totaal is er zo ruimte voor 140 melkkoeien met bijbehorend jongvee, er lopen er nu iets minder dan 120. Romijn heeft ongeveer 60 hectare grond in gebruik, zijn koeien geven ruim 11.000 liter melk per jaar, daarvoor kunnen ze terecht bij twee robots. In al die jaren groeide de productie op het bedrijf, eerst door quotum aan te kopen en de laatste jaren, na afschaffing van de superheffing, sneller en met minder (quotum)kosten.
Op de vraag of de investering in omgerekend ongeveer 800.000 liter melkquotum achteraf verstandig is geweest, reageert Romijn nuchter. “Een deel is terugverdiend, de rest beschouw ik als investering in de fosfaatrechten die we nu hebben.” In 2017 kromp de veestapel en daalde de melkproductie voor het eerst in jaren, als gevolg van het fosfaatreductieplan, waaraan de melkveehouder zelf als bestuurder meewerkte. “Het kan niet anders dan dat we allemaal een stukje verantwoordelijkheid nemen voor een gezamenlijk probleem. Je doet dingen voor jezelf, maar sommige dingen moet je doen voor het grotere geheel.”

Login om meer te lezen

Laat een reactie achter

Zorg ervoor dat u de verplichte (*) velden invult waar dit is aangegeven. HTML code is niet toegestaan.

Zoeken

Advertenties