Bij Amsterdam Ingredients doen ze het anders

‹ Terug naar overzicht

Bij Amsterdam Ingredients doen ze het anders

Geplaatst op:

Als je een nieuwe onderneming start in een bestaande markt, moet je opvallen. Door het net even anders te doen dan de rest, bouw je sneller bekendheid op. De twee jonge handelaren van Amsterdam Ingredients doen dat met de handel, productie en distributie van op maat gemaakte speciaalpoeders voor afnemers in food en feed. Ze combineren dat met een persoonlijke, vriendschappelijke manier van zaken doen. Dat werkt en inmiddels is het tweetal gestoten op een niche die misschien nog interessanter is.

 

Tekst: Jeen Akkerman

Terence Molnar en Tijmen Fikse, oprichters van zuivelhandelsbedrijf Amsterdam Ingredients: “We beschouwen onze klanten het liefst als vrienden.” (Foto: Ivo Hutten)

‘Terence en Tijmen’ is voor insiders in de Nederlandse zuivelhandel een bekend begrip. Terence Molnar is met zijn 34 jaren een jaar ouder dan Tijmen Fikse. De eerste is de man van de snelle ideeën en deals. De tweede is de bedachtzame van het koppel; hij richt zich meer op de structuur en fungeert als kritisch klankbord. 

Eerste baan

Ze vullen elkaar perfect aan, zo merkten ze toen ze samenwerkten bij Havero. Dit handelsbedrijf is onderdeel van Hoogwegt, een van de grootste internationale spelers in de zuivelhandel. Het legt zich toe op derivaten en mengsels die standaardmelkpoeder kunnen vervangen in levensmiddelen.

Voor zowel Molnar als Fikse was het werk bij Havero de eerste baan. Ze leerden samen het vak en hielden contact. Ook toen ze allebei bij andere handelsbedrijven gingen werken. Molnar: “Ik wist dat ik met Tijmen een onderneming wilde opzetten. Hij was daar toen nog niet aan toe. Ik was bang dat we het contact zouden verliezen toen we bij verschillende bedrijven gingen werken. Daarom hebben we allebei een seizoenskaart van Ajax gekocht. Zo zagen we elkaar regelmatig.”

Samen in Amsterdam Ingredients

Toen Fikse, door onder andere gesprekken op de voetbaltribune, ook de uitdaging van het ondernemerschap steeds interessanter begon te vinden, hakten ze de knoop door. Ze begonnen voor eigen rekening te handelen. Daarvoor richten ze een bv op met een bijzondere naam: Amsterdam Ingredients. Ingredients staat voor de zuivelderivaten die worden toegepast in voeding voor mens en dier. Amsterdam staat voor de cultuur van hun start-up: internationaal, persoonlijk en met een ondernemende handelsgeest. Fikse wijst op de tekening op de muur van hun informele kantoor aan de Wibautstraat in de hoofdstad. Naast verwijzingen naar Amsterdam, Ajax en zuivel staat midden in het beeld een speedboot. “Zo zien we onszelf graag”, legt de jonge ondernemer uit. “We zijn klein en wendbaar en weten zo zaken te doen die grote spelers als kruimels beschouwen, maar die voor ons interessant zijn. We vinden het leuk om bijzondere dingen tot stand te brengen.”

Vrienden

In de nabijheid van de speedboot is op de tekening ook een stukje mast en een vlag te zien van een schip dat kennelijk ten onder gaat. Is dat de metafoor voor de concurrenten van Amsterdam Ingredients? De mannen grijnzen. “Het is een grapje”, legt Molnar uit. “Wij hebben met andere handelsbedrijven in zuivel prima contacten. Daarbij zijn voor ons vriendschap en humor de uitgangspunten.”

Die vriendschap is ook de basis voor klantrelaties. Gevraagd naar een voorbeeld noemen ze de relatie met Ba’emek, een Israëlische producent van hoogwaardige wei-eiwitten. “Toen we van start gingen, gunden ze ons meteen een groot deel van hun distributie in Europa; dat deden ze op basis van de persoonlijke relaties die we met hun mensen al hadden opgebouwd”, aldus Molnar.

Fikse vult aan: “Ook bij de financiering van onze activiteiten hebben we bij de start steun gehad van mensen die we kennen en die ons vertrouwen. Kijk, als je wilt handelen moet je posities innemen en dus heb je geld nodig. We vonden in Van Lindenberg Ingredients een partner die ons op weg wilde helpen.” Deze onderneming in Putten hielp de startende ondernemers; inmiddels heeft Amsterdam Ingredients de ‘lening’ afgelost. “We staan nu op eigen benen en drijven handel op basis van ons eigen geld”, zegt Molnar.

Ze weten zich daarbij gesteund door adviseur Jan Peter Rotmans, die destijds bij Havero hun baas was en een schat aan ervaring heeft in de internationale zuivelhandel. 

IJsfabriek

Hun handelsonderneming heeft in korte tijd een miljoenenomzet opgebouwd. De basis is het bedienen en ontzorgen van middelgrote klanten in de veevoer- en voedselindustrie. Gevraagd naar een typisch voorbeeld van een transactie, schetsen de beide mannen het volgende beeld: een middelgrote ijsfabriek heeft een contract met een retailer in de wacht gesleept voor de levering van ijsjes voor het komende jaar. Melkpoeder is traditioneel een belangrijk ingrediënt. Amsterdam Ingredients bedenkt dan een receptuur op basis van diverse melk- en weipoeders; dat mengsel heeft bijvoorbeeld betere eigenschappen voor de ijsproductie of verlaagt de kosten. Zodra de juiste receptuur met de klant is ontwikkeld, wordt een jaarcontract gesloten met een vaste prijs. Afspraak is afspraak.  

Corona

Dat betekent voor Amsterdam Ingredients ook risico’s nemen; maar dan wel gecalculeerd, zodat het vaker goed gaat dan niet. Gemiddeld zitten ze negen van de tien keer goed. “Van die ene keer ben ik dan ook wel een paar dagen ziek, dat wil je gewoon niet”, licht Molnar toe. Recent gebeurde dat bij de uitbraak van de coronacrisis. De beide mannen hadden wat al te enthousiast inkoopposities ingenomen en zagen zich geconfronteerd met plotselinge vraaguitval. “Toen hebben we het verlies genomen, omdat het risico te groot werd, zeker voor een jonge onderneming als de onze”, legt Fikse uit. Achteraf jammer, want toen de aanvankelijke coronapaniek weg begon te ebben, konden ze juist weer veel verkopen. Molnar: “We kregen vragen van diverse kanten, die bij de poederfabrikanten en de grote handelshuizen niet snel werden geholpen omdat die allerlei procedures hebben rondom corona, zoals het thuiswerken van hun mensen. Wij zijn gewoon altijd hier en kunnen meteen inspelen op de vragen die binnenkomen.” 

Zoals de speedboot, die sneller en wendbaarder is dan een tanker. Ze glimlachen en wijzen naar een ander detail op de wanddecoratie. Helemaal in de hoek staat een arm met daarop de tatoeage van een mes en vork. “We beschouwen onze klanten het liefst als vrienden en gaan dus ook graag met ze eten en drinken. We geloven in menselijk contact en elkaar iets gunnen.” 

Zuivelafval? Ja, dat is waardevol

Wat doe je met melkpoeder of boter die om wat voor reden dan ook niet (meer) geschikt is voor menselijke consumptie of voor veevoer? Die breng je naar een afvalverwerker en daar wordt het goedje meestal verbrand. Maar dat hoeft niet. Je kunt dergelijke restpartijen ook vergisten of er vet uit winnen. Om vervolgens de gewonnen biobrandstof te benutten voor de opwekking van bio-energie. Deze toepassing ontwikkelde Terence Molnar toen hij werkte bij ACT, een Amsterdamse handelsfirma die zich richt op biobrandstoffen. “Toen de superheffing verdween, ontstond er een overschot op de zuivelmarkt. Ik dacht toen: waarom gaan we dat niet gebruiken voor biobrandstof?” Het bleek technisch goed mogelijk en bij de toen geldende prijzen ook interessant. 

Inmiddels zijn de zuivelprijzen hersteld. Maar Terence Molnar en Tijmen Fikse komen bij hun leveranciers regelmatig afgekeurde partijen zuivel tegen. “We bedachten dat die ook goed te benutten zijn voor biobandstoffen.”

Het idee is recent omgezet in een nieuw bedrijf met de toepasselijke naam Circumilk. ‘Converting dairy waste into green energy’ luidt de belofte. De onderneming ontzorgt de zuivelindustrie bij het oplossen van dit specifieke afvalvraagstuk. Het afgekeurde product wordt opgehaald, gescheiden van de verpakking en vervolgens gebruikt voor energieproductie. Om ook de grote spelers in de zuivel met dit concept te bereiken, heeft Circumilk een exclusieve samenwerking met Suez, een van Europa’s grootste afvalverwerkers. Suez sluit contracten met grote Nederlandse voedingsbedrijven over de totale afvalstroom. Het onderdeel ‘zuivelproducten’ wordt vervolgens ondergebracht bij Circumilk. Fikse en Molnar hebben inmiddels een medewerker aangesteld om deze nieuwe zelfstandige activiteit tot bloei te brengen. Het lijkt een interessante niche in de markt, met een mooi toekomstperspectief nu de aandacht voor circulair ondernemen groeit. Wie weet wordt het wel iets meer dan een speedbootje.

Dit artikel is verschenen in ZuivelZicht 8 2020. Nog geen abonnee? Klik HIER en profiteer het eerste jaar van maar liefst 25% korting.