Cono bezorgd over plannen provincie met boerengrond

‹ Terug naar overzicht
Door: Redactie

Cono Kaasmakers, zuivelcoöperatie uit de Beemster, maakt zich ernstig zorgen over de plannen van de provincie Noord-Holland om met natte teelt de bodemdaling in het veenweidegebied tegen te gaan.

“De zogenoemde vernattingsmaatregelen, waarbij grote delen boerengrond onder water worden gezet, zijn onbegrijpelijk en onacceptabel voor onze leden-melkveehouders. Mede omdat zij al jaren investeren in duurzame bedrijfsvoering met ons programma Caring Dairy”, aldus bestuursvoorzitter Evert Kremer. “Het Cono-bestuur is ook medeopsteller geweest van het dit jaar gepubliceerde Manifest Landbouw en Landschap in de metropool regio Amsterdam. Daarbij is met alle betrokkenen in de provincie samengewerkt aan een concreet actieprogramma voor de komende jaren richting grondgebonden veehouderij en duurzame akkerbouw. Dat de provincie dan ineens deze bom onder de inspanningen en doelen van onze veehouders legt is onverteerbaar.”

LTO Noord

Cono Kaasmakers is het volledig eens met LTO Noord. LTO Noord schrijft in een brief aan de Provinciale Staten van Noord-Holland dat het onvoorstelbaar is dat een onbewezen teelt, met onbewezen omgevingseffecten en onbewezen afzetmarkt, de toekomst is van grote delen van het veenweidegebied in onze provincie. Door middel van het Innovatie Programma Veen (IPV) wordt momenteel onderzocht in welke mate natte teelten een optie zijn om de daling te stoppen. Het verzoek aan de Statenleden is om de onderzoeksresultaten af te wachten. ‘Gezien de grote economische belangen van onze leden in het veenweidegebied is het naar onze mening van belang dat uw uitspraken niet op drijfzand zijn gebouwd.’ LTO stelt voor in gesprek te gaan over oplossingen voor bodemdaling ‘die maatschappelijk verantwoord en zeker ook haalbaar en betaalbaar moeten zijn’.

Waardering en erkenning

Wim Betten, algemeen directeur van Cono Kaasmakers: “Onze melkveehouders behoren tot de besten ter wereld als het gaat om dierwelzijn, weidegang en duurzaamheid. Ze hebben al een enorme opdracht om te ontwikkelen in de richting van het nieuwe boeren geheel volgens de circulaire economie en ze zijn hard op weg om dat doel te bereiken. Dat is een prestatie om trots op te zijn. Wat ze nodig hebben en verdienen is maatschappelijke waardering en erkenning. We dagen de provincie uit om gezamenlijk in te zetten op duurzaam bodembeheer in de aanpak van bodemdaling om te voorkomen dat de koe, de weidevogel én de boer uit het landschap verdwijnt!”